empty
empty
Etiket van zoute popcorn.
Vrouw in winkel leest een etiket van ketchup.

Etiketten lezen

Hoe kunnen we etiketten lezen?

Een etiket geeft belangrijke informatie over een voedingsmiddel. Op het etiket staat bijvoorbeeld wat er aan ingrediënten in een levensmiddel zit, wie de fabrikant is en hoe het product is gemaakt.

In Nederland zijn fabrikanten van voedingsmiddelen aan strenge richtlijnen gebonden wat betreft de informatie die op een etiket moet komen te staan. Dit is vastgelegd in de Warenwet etikettering levensmiddelen en een Europese verordening, genaamd Verstrekking voedselinformatie aan consumenten. Hierop wordt toezicht gehouden door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA).

Welke informatie staat er (verplicht) op een etiket?

Productnaam Dit is de naam van het product. Bij een merknaam staat altijd een toelichting.

Naam fabrikant en gegevens klantenservice De naam en het adres van de fabrikant of de importeur staan altijd op de verpakking vermeld, zodat men weet met wie er contact moet wordem opgenomen als er een klacht is of men meer informatie wil. Vaak is dit een antwoordnummer waarbij geen postzegel nodig is en/of een gratis 0800-nummer.

Ingrediënten Ingrediënten zijn grondstoffen waarmee het levensmiddel is gemaakt. Het meest gebruikte ingrediënt staat vooraan, het minst gebruikte achteraan.

Herkomst en oorsprong Op het etiket van honing, olijfolie en verse en onbewerkte producten, zoals vis, vlees, groente en fruit, staat de regio of het land van herkomst vermeld. Soms is de herkomst of oorsprong door de Europese Unie beschermd. Zo mag parmaham alleen zo heten als hij echt in de streek Parma is geproduceerd. Goudse kaas hoeft daarentegen niet uit Gouda te komen, want deze naam is niet beschermd. Soms geeft een keurmerk aan dat het een echt streekproduct is.

Voedingswaarde De voedingswaarde geeft aan hoeveel energie en voedingsstoffen in het product zitten per 100 gram of 100 milliliter. Het aantal calorieën staat voorop, daarna de hoeveelheid vetten, verzadigde vetzuren, koolhydraten, suikers, eiwitten en zout. Fabrikanten mogen dit ook nog per portie aangeven, bijvoorbeeld één zakje. Als je calorieën van producten met elkaar wilt vergelijken, doe dit dan per 100 gram, want niet elke fabrikant hanteert dezelfde porties.

Allergie-informatie

Er is vastgelegd dat 14 allergenen (o.a. pinda’s, soja, ei en noten) een allergische reactie kunnen veroorzaken en daarom is bij wet geregeld dat deze op het etiket moeten staan. Soms staat er dat er sporen van een allergeen in het product kunnen zitten. Dan kan een fabrikant niet garanderen dat het product vrij is van allergenen. De volgende 14 allergenen moeten op het etiket staan (ze staan vetgedrukt in de ingrediëntenlijst):

» Glutenbevattende granen (tarwe, rogge, gerst, haver, spelt en khorasantarwe)
» Selderij
» Sulfiet (in hoeveelheden van > 10 mg/kg)
» Ei
» Mosterd
» Vis
» Sesamzaad
» Pinda
» Lupine
» Noten
» Weekdieren
» Soja
» Schaaldieren
» Melk

Streepjescode Een code voor voorraadbeheer en snelle afwerking bij de kassa.

Traceercode Als er iets niet goed is met het product, dan is de traceercode belangrijk. Zo kan bijvoorbeeld snel een hele partij worden onderschept of teruggehaald bij de consument. Op vis, vlees, zuivel en eieren staat een ovaaltje met het land en code van het bedrijf waar de laatste bewerking is geweest. De stempel op eieren geeft niet alleen de code van het land en het bedrijfsnummer aan, maar ook in wat voor veehoudersysteem de kippen leefden.

Dagelijkse voedingsrichtlijn Aan de voorkant van de verpakking staat soms een icoon met percentages. Dit icoon is voor fabrikanten niet verplicht. Het icoon geeft aan hoeveel één portie bijdraagt aan de dagelijkse hoeveelheid energie (kcal) of voedingsstoffen. Hierbij wordt uitgegaan van een zogenaamde referentie-inname van een gemiddelde volwassene, maar houdt geen rekening met leeftijd, geslacht of hoe actief iemand in het dagelijks leven is. Met betrekking tot zout wordt geadviseerd om de 100% niet te halen. Sterker nog, het is beter zo weinig mogelijk hiervan te consumeren.

Houdbaarheidsdatum  Op elke verpakking staat hoe lang een product bewaard kan worden. Is de verpakking nog dicht? Dan kan het product bewaard worden tot de houdbaarheidsdatum. Er zijn twee soorten data: de Te Gebruiken Tot (TGT) en de Tenminste Houdbaar Tot (THT). TGT staat vaak op producten die snel bederven, producten met een THT kunnen vaak nog gebruikt worden na de houdbaarheidsdatum. Gebruik hierbij jouw zintuigen om zelf te beoordelen of het nog te gebruiken is.

Keurmerken Er zijn een heleboel verschillende keurmerken in Nederland, zoals een keurmerk dat aangeeft dat een product is gemaakt met extra aandacht voor dierenwelzijn en/of het milieu. Denk bijvoorbeeld aan EKO, Milieukeur of Beter Leven. Andere keurmerken zeggen iets over de samenstelling van het product, zoals 100% volkoren. Het keurmerk ‘halal’ zegt hoe het product is gemaakt. Sommige keurmerken worden door een onafhankelijke organisatie gecontroleerd, andere zijn eigenlijk een vorm van reclame (zie ‘Keurmerken’).

Gebruiksadvies Dit betreft praktische adviezen voor het bereiden en bewaren van het product. Zoals ‘verhitten voor gebruik’, ‘gekoeld bewaren’ en ‘na ontdooien niet opnieuw invriezen’. ‘Gekoeld bewaren’ betekent bijvoorbeeld dat het product in de koelkast bewaard moet worden, bij 4 °C (de optimale temperatuur van de koelkast).

Claims Een gezondheidsclaim stelt dat een voedingsmiddel voordelen heeft voor de gezondheid, bijvoorbeeld ‘cholesterolverlagend’ op margarine of ‘vezelrijk’ op producten met granen. Dit mogen fabrikanten niet zomaar op de verpakking zetten. De Europese voedselveiligheidsorganisatie EFSA beoordeelt de gezondheidsclaims.

EU-ovaal Fabrikanten die rauwe/onbewerkte dierlijke producten verwerken zoals vlees, vis, zuivel of eieren moeten door de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) erkend zijn. Dit is zichtbaar aan het nummer in het EU-ovaal.

Welke misleidingen kunnen er op een etiket staan?

Mooie kreten, kleurrijke verpakkingen met mooie plaatjes verkopen beter. Fabrikanten zetten alles in om de consument tot aankoop te verleiden, maar ze zetten de consument tegelijkertijd op het verkeerde been. Wat je ziet en leest op de verpakking, hoeft niet altijd te kloppen. Door de verkooptrucs te herkennen, kun je je hier tegen wapenen. Een tip: de minst aantrekkelijke, saaie verpakkingen zijn vaak het meest betrouwbaar als het gaat om duidelijkheid over wat er precies aan voedingsstoffen in zit.

Een fraai plaatje met 
		aardbeienMooie plaatjes
Op een pak yoghurt of sap staan soms plaatjes van aardbeien, terwijl er maar 0,5% echte aardbei inzit. Kijk altijd op het etiket: in de ingrediëntendeclaratie staat precies hoeveel er van een ingrediënt in een product zit.

E-nummers of volledige namen
Soms zetten fabrikanten de geschreven naam van een stof op het etiket in plaats van een E-nummer. Dit klinkt natuurlijker. Er staat dan ‘citroenzuur’ in plaats van E330, terwijl het hetzelfde stofje is (een conserveermiddel).

Fabrikanten zijn zich sterk bewust van het negatieve imago van E-nummers en gebruiken daarom vaak de gewone benaming op de verpakking. Dat schrikt minder af dan het desbetreffende E-nummer. Maar het misleidende is dat er verschillende termen voor hetzelfde stofje worden gebruikt. Voor E621, een E-nummer die volgens sommigen zeer schadelijk is voor de gezondheid, bijvoorbeeld:

» Gefermenteerde eiwitten
» Monosodiumglutamaat of MSG
» Gist
» Gelatine
» Ve-tsin

Check de portiegrootte
Soms staat op een verpakking hoeveel calorieën er per portie inzitten. Maar kijk goed naar de grootte van een portie. Soms zitten er bijvoorbeeld twee koeken in een meeneemverpakking en wordt het aantal calorieën gemeld van één koek. Dat lijkt namelijk gezonder!

Vergelijking 
		ingrediënten op de etiketten van pindakaas en pindakaas light van Plus. Light is niet altijd caloriearm
Light-chips hoeven lang niet altijd minder calorieën te bevatten dan gewone chips. En in light-pindakaas zit soms 30% minder vet, maar wel zo’n 550% (!) meer suiker dan in de gewone variant (Plus-huismerk: 4,9 gram versus 27,0 gram per 100 gram (zie afbeelding)). Kijk op de voedingswaardetabel of het lightproduct daadwerkelijk een gezondere keuze is ten opzichte van het gewone product!

‘Claims’ op de verpakking
Op de voorkant van de verpakking vinden we vaak kreten als “nu met meer vezels” of “goed voor de weerstand”. Deze claims worden ook regelmatig gebruikt om het mooier te laten klinken dan het is. Ons advies: blijf altijd alert bij claims. Bekijk de voedingswaarde op het etiket om te bepalen of het product echt gezonder is.

Voorbeelden van claims:

‘Vers’ De term ‘vers’ betekent niet dat het product kort geleden is gemaakt. Deze term is niet gedefinieerd in de Warenwet en wordt nauwelijks door deze wet beschermd. ‘Vers’ zegt niets over hoe lang het product al in de winkel ligt of hoelang geleden het product is gemaakt. De term ‘vers’ betekent ook niet dat het gezonder is dan producten waar deze term niet op staat. Het zegt dus eigenlijk niets, maar misleidt de consument wel.
‘Ambachtelijk’  Ook de term ‘ambachtelijk’ is niet gedefinieerd in de Warenwet. Ambachtelijke producten kunnen dus in de fabriek gemaakt zijn. De term ‘ambachtelijk’ zegt dus niets over de uniciteit van een product, of het door een vakman is gemaakt en of het volgens een oud recept is gemaakt zonder toevoegingen. Producten met het label ‘ambachtelijk’ of ‘artisanaal’ kunnen, net als andere producten, massaal zijn geproduceerd in een fabriek. Ook deze term zegt dus eigenlijk niets, maar misleidt de consument wel.

Het woord 'facts' met een 
		  vergrootglas erboven.

In sommige ‘light-pindakaas’ zit 30% minder vet, maar wel zo’n 550% (!) meer suiker dan in de gewone variant.